Citaat | Hoge Raad 10 januari 2003
Alinea 49 Hoge Raad 10 januari 2003
Een alinea uit Hoge Raad 10 januari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF0692.
In ieder geval is niet gebleken dat hij destijds handelde als ondergeschikte of onder leiding of op aanwijzing van [verweerster] (art. 6:170 BW). In het bijzonder is dit niet naar voren gekomen ten aanzien van de werkzaamheden die de curator als curator in het onderhavige faillissement heeft verricht. De curator handelde in deze zelfstandig onder toezicht van de rechter-commissaris, die op grond van art. 64 van de Faillissementswet belast is met het toezicht op het beheer en de vereffening van de failliete boedel. Evenmin is gebleken dat het gewraakte optreden van de curator werkzaamheden betrof die de curator verrichtte in opdracht van [verweerster] en ter uitvoering van haar bedrijf (als bedoeld in art. 6:171 BW). De réchtbank heeft met zijn benoeming van de curator tot curator de betreffende werkzaamheden opgedragen. Dat is niet gebeurd door [verweerster]. In het midden kan dus blijven of bij een advocatenkantoor als dat van [verweerster] gesproken kan worden van een bedrijf als bedoeld in dat wetsartikel."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c287ac48fecd4b47537a91ffb0ca60a1f878f1489c70ec9b1f764cf9c8b3d149. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c287ac48fecd4b47537a91ffb0ca60a1f878f1489c70ec9b1f764cf9c8b3d149, en de alinea staat in dat document op bytes 14427 tot 15466.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c287ac48fecd4b47537a91ffb0ca60a1f878f1489c70ec9b1f764cf9c8b3d149 | shasum -a 256