Citaat | Hoge Raad 24 januari 2003

Alinea 46 Hoge Raad 24 januari 2003

Een alinea uit Hoge Raad 24 januari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF0694.

3.4.2 Bij de behandeling van de onderdelen moet worden vooropgesteld dat de woorden "bekend is geworden" in art. 3:310 lid 1 BW moeten worden verstaan in de betekenis van: daadwerkelijke bekendheid met zowel de schade als met de daarvoor aansprakelijke persoon (HR 6 april 2001, nr. C99/158, NJ 2002, 383). De Rechtbank is derhalve in rov. 6.2 van een juiste maatstaf uitgegaan. Het enkele vermoeden van het bestaan van schade is onvoldoende om aan te nemen dat sprake is van daadwerkelijke bekendheid met de schade. Als sprake is van lichamelijke klachten waarvan de herkomst niet zonder meer duidelijk is, kan van daadwerkelijke bekendheid met de schade pas sprake zijn wanneer met voldoende mate van zekerheid is vastgesteld waardoor de klachten zijn ontstaan. In het algemeen zal deze vereiste mate van zekerheid - die niet een absolute zekerheid behoeft te zijn - pas aanwezig zijn wanneer deze oorzaak door te dier zake deskundige artsen is gediagnosticeerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/47e421115c5d37ffa1daa7f4e33ef77daac959dbcf717d1a0c73f05b2b25d49b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 47e421115c5d37ffa1daa7f4e33ef77daac959dbcf717d1a0c73f05b2b25d49b, en de alinea staat in dat document op bytes 14381 tot 15358.