Citaat | Hoge Raad 7 maart 2003
Alinea 40 Hoge Raad 7 maart 2003
Een alinea uit Hoge Raad 7 maart 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF1310.
3.4 Onderdeel C bestrijdt het oordeel van het Hof (in rov. 3.3) dat rekening wordt gehouden met de aflossing van een flexibel krediet. Dat de man deze lening heeft afgesloten en een bedrag van ƒ 200,-- per maand daarop moet betalen, is door de vrouw niet betwist. Het Hof heeft geoordeeld dat de noodzaak, althans de redelijkheid, van deze schuld voldoende aannemelijk is geworden. Daarmee heeft het Hof klaarblijkelijk het verweer van de vrouw dat niet duidelijk is waarvoor de schuld is aangegaan, verworpen. De vrouw heeft echter ook aangevoerd dat met deze lening geen rekening mag worden gehouden voor zover het bedrag ervan is verhoogd op 6 augustus 2001 toen de man, anders dan hij heeft gesteld, wel rekening moest houden met een verandering van omstandigheden. Zonder nadere motivering, die ontbreekt, is niet begrijpelijk waarom het Hof dit verweer van de vrouw niet juist heeft bevonden. In zoverre slaagt de klacht van onderdeel C.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcb661e5be525e9f48bd42465330502a606f15c64af0ca1a117f42fb3f476b34. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcb661e5be525e9f48bd42465330502a606f15c64af0ca1a117f42fb3f476b34, en de alinea staat in dat document op bytes 10972 tot 11929.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fcb661e5be525e9f48bd42465330502a606f15c64af0ca1a117f42fb3f476b34 | shasum -a 256