Citaat | Hoge Raad 21 februari 2003
Alinea 103 Hoge Raad 21 februari 2003
Een alinea uit Hoge Raad 21 februari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF1486.
"Ook al is alleszins begrijpelijk dat de aandeelhouders uit deze gedachtewisseling meenden te kunnen begrijpen dat zij tenminste verdergaand bij de besluitvorming van HBG zouden worden betrokken dan in feite het geval is geweest en ook al zijn de van de zijde van HBG gebezigde bewoordingen als antwoord op duidelijke en doelgerichte vragen zozeer voor diverse uitleg vatbaar dat HBG het over zichzelf heeft afgeroepen dat de aandeelhouders in gemoede konden menen dat zij een belangrijker rol in het besluitvormingsproces zouden gaan spelen dan waarvan sprake is geweest, de Ondernemingskamer komt met de onderzoekers (op pagina 23 van het verslag) tot het oordeel dat hetgeen van de zijde van HBG ter vergadering naar voren is gebracht onvoldoende is om tot de slotsom te komen dat HBG vanwege een daartoe strekkende toezegging de te dezen genomen beslissingen niet had mogen nemen zonder de instemming althans de goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders. Het andersluidende betoog van (de ontvankelijke) verzoekers verwerpt de Ondernemingskamer dan ook."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a6c74a23aa2dc3fb6140054dc21302b675ce1689087d2cf41bf6c2290c5546e6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a6c74a23aa2dc3fb6140054dc21302b675ce1689087d2cf41bf6c2290c5546e6, en de alinea staat in dat document op bytes 29701 tot 30789.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a6c74a23aa2dc3fb6140054dc21302b675ce1689087d2cf41bf6c2290c5546e6 | shasum -a 256