Citaat | Hoge Raad 21 februari 2003

Alinea 41 Hoge Raad 21 februari 2003

Een alinea uit Hoge Raad 21 februari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF1563.

3.2 In het onderhavige geding vordert [eiseres], samengevat, een verklaring voor recht dat de nietigheid van het voorkeursrecht terecht door haar is ingeroepen, met veroordeling van de Stichting tot medewerking aan de vrijgave aan [eiseres] van het onder een notaris gestorte bedrag of bankgarantie, zijnde het verschil tussen de behaalde koopprijs en de aanbiedingsprijs aan de Stichting op basis van het voorkeursrecht. Zij legt, voorzover in cassatie van belang, aan deze vorderingen ten grondslag dat het voorkeursrecht is te beschouwen als een algemene voorwaarde als bedoeld in art. 6:231 BW, aangezien het voorkeursrecht als standaardbeding onderdeel uitmaakt van alle koop- en leveringsakten die door de Stichting met alle kopers van de appartementen van het flatgebouw "[C]" zijn aangegaan en dat het beding vernietigbaar is op grond van art. 6:233, aanhef en onder a, BW.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6118f0fff0187c925661b9d9da5a9ac7d45f5ac70fd70c95287432e053741711. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6118f0fff0187c925661b9d9da5a9ac7d45f5ac70fd70c95287432e053741711, en de alinea staat in dat document op bytes 9769 tot 10663.