Citaat | Hoge Raad 25 februari 2003
Alinea 30 Hoge Raad 25 februari 2003
Een alinea uit Hoge Raad 25 februari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF1937.
3.9. Nu een ontvangstbevestiging als hiervoor bedoeld niet is overgelegd en ook anderszins aanwijzingen voor het tegendeel ontbreken, moet het ervoor worden gehouden dat het in cassatie overgelegde faxbericht niet aanwezig was in het dossier dat het Hof ter beschikking stond bij de behandeling van de onderhavige strafzaak in hoger beroep, terwijl onvoldoende grond bestaat voor het ernstig vermoeden dat dat faxbericht ter griffie van het Hof is ontvangen en vervolgens in het ongerede is geraakt. Voorzover het middel ervan uitgaat dat mr. Wolters zich door middel van een schriftelijke kennisgeving als raadsman in hoger beroep heeft gesteld, kan het dus niet slagen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/17d5140eae691fcb37d791ea0d94d07876ee8075af25ba3d04d851fe24e58da8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 17d5140eae691fcb37d791ea0d94d07876ee8075af25ba3d04d851fe24e58da8, en de alinea staat in dat document op bytes 9792 tot 10476.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/17d5140eae691fcb37d791ea0d94d07876ee8075af25ba3d04d851fe24e58da8 | shasum -a 256