Citaat | Hoge Raad 11 februari 2003

Alinea 30 Hoge Raad 11 februari 2003

Een alinea uit Hoge Raad 11 februari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF1938.

4.4. Het hiervoor onder 4.2 overwogene behoeft niet tot vernietiging voor wat betreft de strafoplegging te leiden, nu aangenomen moet worden dat de verdachte, gelet op de opgelegde straf en de daarvoor gegeven motivering en in aanmerking genomen de maximumstraf die bij toepassing van art. 310 Sr kan worden opgelegd, door de onjuiste kwalificatie, waarover in cassatie niet is geklaagd, niet in zijn belangen is geschaad. De Hoge Raad zal de kwalificatie verbeteren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e764afe748a8e1d13034753f6396d9ee9ed563f47aa1a9987d4491bde14ff406. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e764afe748a8e1d13034753f6396d9ee9ed563f47aa1a9987d4491bde14ff406, en de alinea staat in dat document op bytes 9928 tot 10408.