Citaat | Hoge Raad 4 februari 2003
Alinea 28 Hoge Raad 4 februari 2003
Een alinea uit Hoge Raad 4 februari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF2321.
3.4. Bij het vorenstaande moet, voorzover in deze zaak van belang, worden aangetekend dat wanneer volgens opgave van de GBA de verdachte naar een ander land is vertrokken, eerst dan mag worden aangenomen dat zijn woon- of verblijfplaats in het buitenland niet bekend is, indien bij de desbetreffende gemeente - zonder resultaat - navraag is gedaan of de verdachte bij zijn vertrek de voor de uitreiking van gerechtelijke mededelingen benodigde adresgegevens heeft opgegeven en of die gegevens zijn geadministreerd (vgl. HR 12 maart 2002, NJ 2002, 317 rov. 3.20 en HR 8 juni 1999, NJ 1999, 617).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d41d4f58199d429e3eaf59d9b7c8f3ca4036eccef54947bb148045aad39a074c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d41d4f58199d429e3eaf59d9b7c8f3ca4036eccef54947bb148045aad39a074c, en de alinea staat in dat document op bytes 9183 tot 9791.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d41d4f58199d429e3eaf59d9b7c8f3ca4036eccef54947bb148045aad39a074c | shasum -a 256