Citaat | Hoge Raad 11 februari 2003
Alinea 26 Hoge Raad 11 februari 2003
Een alinea uit Hoge Raad 11 februari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF2343.
Voorts is de mede aan het verweer ten grondslag gelegde opvatting, dat een deel van de door de verdachte verschafte informatie ook bij andere instanties zou kunnen worden verkregen en dat deze daarom niet kan worden beschouwd als een geheim in de zin van art. 272 Sr dat de verdachte uit hoofde van zijn ambt als belastingambtenaar verplicht was te bewaren, gelet op het bepaalde in art. 67 Algemene wet rijksbelastingen, onjuist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6afd20cc93115b5ee4f6177dc0a8b10028525f955d925ff8bdc7f6eca3eb292e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6afd20cc93115b5ee4f6177dc0a8b10028525f955d925ff8bdc7f6eca3eb292e, en de alinea staat in dat document op bytes 9156 tot 9599.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6afd20cc93115b5ee4f6177dc0a8b10028525f955d925ff8bdc7f6eca3eb292e | shasum -a 256