Citaat | Hoge Raad 28 maart 2003

Alinea 44 Hoge Raad 28 maart 2003

Een alinea uit Hoge Raad 28 maart 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF2680.

3.7 Het onderdeel faalt. Naar constante rechtspraak van de Hoge Raad moet de vraag of een deelnemer aan een sport- of spelsituatie onrechtmatig heeft gehandeld door een gedraging als gevolg waarvan aan een andere deelnemer letsel is toegebracht, minder spoedig bevestigend worden beantwoord dan het geval zou zijn geweest wanneer die gedraging niet in een sport- of spelsituatie zou hebben plaatsgevonden. De reden daarvan is dat de deelnemers aan die sport of dat spel in redelijkheid tot op zekere hoogte gevaarlijke, slecht gecoördineerde, verkeerd getimede of onvoldoende doordachte handelingen of gedragingen waartoe de activiteit uitlokt of die daarin besloten liggen, van elkaar moeten verwachten (vgl. HR 28 juni 1991, 14235, NJ 1992, 622). Deze verhoogde drempel om aansprakelijkheid te kunnen aannemen, houdt niet op te gelden doordat - in dit geval - tijdens het KNSB-trainingsuur de ene schaatser doende is uit te rijden, terwijl de andere bezig is met een snelheidsoefening en zij op verschillende, door de KNSB daartoe aangewezen, gedeelten van de baan rijden. Ook dan beïnvloedt het feit dat beide rijders tijdens dat trainingsuur op dezelfde baan schaatsen, de verwachtingen die zij van elkaar mogen of moeten hebben, welke verwachtingen overigens mede afhankelijk zijn van de risico's die aan de schaatssport eigen zijn, het doel van dat trainingsuur en de verdere omstandigheden van het geval. Het onderdeel is mitsdien op een onjuiste rechtsopvatting gebaseerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8f0ae718f7c3d19fd86a454008c9268f701d2b3ea6b7027ce62a32ea4ebb0239. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8f0ae718f7c3d19fd86a454008c9268f701d2b3ea6b7027ce62a32ea4ebb0239, en de alinea staat in dat document op bytes 13883 tot 15378.