Citaat | Hoge Raad 4 april 2003
Alinea 42 Hoge Raad 4 april 2003
Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF2844.
3.4 Onderdeel 2 klaagt dat de Rechtbank, door in rov. 15 van haar vonnis te overwegen dat de onmiddellijke werking van de op 1 juli 1998 in werking getreden Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (hierna: Waadi) meebrengt dat tussen partijen de wet geldt die van kracht is ten tijde van het inroepen van het concurrentiebeding, heeft miskend dat het concurrentiebeding dat onder de werking van art. 93 lid 1, onder a, Avw met nietigheid werd getroffen, niet rechtsgeldig wordt na het vervallen van die wet. Het onderdeel is in zoverre gegrond dat, zo moet worden aangenomen dat het concurrentiebeding onder de werking van de Avw nietig was, de onmiddellijke werking van de Waadi, waarin een concurrentiebeding niet met nietigheid is bedreigd, een door de vroegere wet voorziene nietigheid niet terzijde stelt. Het onderdeel kan evenwel niet tot cassatie leiden, omdat het eraan voorbijziet dat het in art. 93 lid 1, onder a, Avw neergelegde verbod uitsluitend strekt ter bescherming van de ter beschikking gestelde arbeidskracht in zijn vrijheid van keuze van arbeid, en dat derhalve een concurrentiebeding dat in strijd is met deze bepaling, ingevolge art. 3:40 lid 2 BW niet nietig is, zoals het onderdeel tot uitgangspunt neemt, maar vernietigbaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2abb24568062ae0c722d78175ee661b24abb16fac0586fe0a7808f24bfc96d74. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2abb24568062ae0c722d78175ee661b24abb16fac0586fe0a7808f24bfc96d74, en de alinea staat in dat document op bytes 10678 tot 11952.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2abb24568062ae0c722d78175ee661b24abb16fac0586fe0a7808f24bfc96d74 | shasum -a 256