Citaat | Hoge Raad 21 maart 2003
Alinea 33 Hoge Raad 21 maart 2003
Een alinea uit Hoge Raad 21 maart 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF2845.
3.3 De President heeft de door het COA gevraagde voorzieningen getroffen. Op het door [eiser] c.s. ingestelde hoger beroep heeft het Hof het vonnis van de President bekrachtigd. Het heeft, voorzover in cassatie van belang, als volgt geoordeeld. Grief 2 stelt de vraag aan de orde of de Rva 1997, op grond van welke regeling het COA zijn beslissing heeft genomen, niet verbindend is, aangezien deze onbevoegdelijk zou zijn vastgesteld. Deze stelling is gebaseerd op het gegeven dat de Rva 1997 is vastgesteld door de staatssecretaris van Justitie, terwijl volgens art. 12 in verbinding met art. 1, aanhef en onder a, Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers (hierna: Wet COA), slechts de minister van WVC daartoe bevoegd was (rov. 3). Onder meer het Hof te Amsterdam heeft bij arrest van 11 januari 2001 over deze materie geoordeeld. Voorts heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 10 oktober 2001 over dit onderwerp uitspraak gedaan. Deze uitspraken houden in dat de Rva 1997 wel verbindend is. Het Hof sluit zich bij deze uitspraken aan, op grond waarvan grief 2 faalt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d53ae58651abc86bc9c89c3f5d929e3a780eb5fbe05133709087d52126bfc4d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d53ae58651abc86bc9c89c3f5d929e3a780eb5fbe05133709087d52126bfc4d8, en de alinea staat in dat document op bytes 7704 tot 8808.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d53ae58651abc86bc9c89c3f5d929e3a780eb5fbe05133709087d52126bfc4d8 | shasum -a 256