Citaat | Hoge Raad 28 maart 2003
Alinea 31 Hoge Raad 28 maart 2003
Een alinea uit Hoge Raad 28 maart 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF3067.
3.3 Het middel keert zich met een rechtsklacht en een motiveringsklacht tegen 's Hofs oordeel dat het verweer, dat [verweerder] vanwege de decemberdrukte toch zijn bedrijfsactiviteiten niet zou hebben gestaakt, irrelevant is voor de vaststelling van de schade, welk oordeel kennelijk aldus moet worden begrepen, dat - anders dan [eiser] subsidiair had betoogd - voor die schadevaststelling evenmin relevant is of [verweerder] bij de voortzetting van de exploitatie ter plaatse voordeel heeft genoten in vergelijking met het geval dat hij die exploitatie onmiddellijk zou hebben gestaakt. Naar het middel terecht betoogt, heeft het Hof aldus oordelende miskend dat voor de vaststelling van de door [verweerder] als gevolg van de tekortkoming van [eiser] geleden schade een vergelijking dient te worden gemaakt tussen de feitelijke situatie na het uitblijven van de waarschuwing inzake het verbeuren van dwangsommen en de hypothetische situatie bij het wegdenken van die tekortkoming. De rechtsklacht slaagt derhalve.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9bade789f6a2b44e44c023c276dd3ff62292b19cc1b07d6c712fe5d7fe1888b7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9bade789f6a2b44e44c023c276dd3ff62292b19cc1b07d6c712fe5d7fe1888b7, en de alinea staat in dat document op bytes 8233 tot 9261.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9bade789f6a2b44e44c023c276dd3ff62292b19cc1b07d6c712fe5d7fe1888b7 | shasum -a 256