Citaat | Hoge Raad 13 juni 2003

Alinea 52 Hoge Raad 13 juni 2003

Een alinea uit Hoge Raad 13 juni 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF3413.

3.3.1 In zijn hiervoor onder 3.2 vermelde arrest - betreffende het geval van een notaris die failleerde op een moment dat zij een onroerende zaak naar de koper had getransporteerd, maar de op haar bankrekening ontvangen koopsom nog niet had doorbetaald aan de verkoper - heeft de Hoge Raad geoordeeld dat het niet strookt met het wettelijk stelsel, volgens hetwelk de schuldeisers ter zake van verhaal op het vermogen van hun schuldenaar, behoudens de door de wet erkende redenen van voorrang, een onderling gelijke rang toekomt, in een dergelijk geval de koper of de verkoper die de betaling van de koopprijs via de notaris laten lopen, boven de andere schuldeisers te beschermen. Dat het nimmer in de bedoeling van partijen zou hebben gelegen om de notaris het op haar rekening ontvangen bedrag met eigen geld te laten vermengen deed daaraan niet af. Beslissend was immers dat het geld deel van het vermogen van de notaris was gaan uitmaken "en dat niet de weg is gekozen van storting van het bedrag op een afzonderlijke rekening ten name van de notaris met vermelding van diens hoedanigheid van opdrachtnemer van de betreffende koper en verkoper, noch een - voor wat betreft het afgescheiden blijven van het overgemaakte bedrag van het vermogen van de notaris - daarmee gelijk te stellen weg". Aldus heeft de Hoge Raad de mogelijkheid aanvaard van de bijzondere notariële kwaliteitsrekening, geopend voor één transactie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/367f8373af84ff11beec15378d3d85cedb9da4fdbb14dc490d14558e5334aeb9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 367f8373af84ff11beec15378d3d85cedb9da4fdbb14dc490d14558e5334aeb9, en de alinea staat in dat document op bytes 13456 tot 14895.