Citaat | Hoge Raad 2 mei 2003
Alinea 60 Hoge Raad 2 mei 2003
Een alinea uit Hoge Raad 2 mei 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF3416.
4.3.2 Het middel beroept zich daartoe in de eerste plaats in onderdeel 1 op art. 7 lid 2, tweede zin, Gr.w., welke norm zich, aldus het onderdeel, ertegen verzet dat de rechter (in kort geding) uitzendverboden uitvaardigt als in dit geval is geschied. Het onderdeel, dat klaarblijkelijk strekt ten betoge dat het ontbreken in het tweede lid van de wel in het eerste en derde lid van art. 7 voorkomende zinsnede "behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet" meebrengt dat de daarmee beoogde beperking van de vrijheid van meningsuiting niet geldt voor radio- en televisie-uitzendingen, berust op een onjuiste rechtsopvatting. Blijkens de eerste zin van art. 7 lid 2 kan de wet regels stellen voor radio en televisie, welke regels blijkens de tweede zin evenwel niet zo ver kunnen gaan dat daarbij voorafgaand toezicht van overheidswege op de inhoud van een uitzending zou kunnen worden ingesteld. Er bestaat mede in het licht van art. 3:296 BW echter geen grond aan te nemen dat het in art. 7 Gr.w. neergelegde verbod van censuur - het voorafgaand overheidstoezicht op een voorgenomen uiting - in de weg zou staan aan de bevoegdheid van de rechter met het oog op een effectieve rechtsbescherming een uiting die jegens een ander onrechtmatig is, te verbieden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e135b4221956982e48e40e0da670112867fe239ca1be1993a01efcdf176e12ca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e135b4221956982e48e40e0da670112867fe239ca1be1993a01efcdf176e12ca, en de alinea staat in dat document op bytes 15778 tot 17056.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e135b4221956982e48e40e0da670112867fe239ca1be1993a01efcdf176e12ca | shasum -a 256