Citaat | Hoge Raad 2 mei 2003

Alinea 67 Hoge Raad 2 mei 2003

Een alinea uit Hoge Raad 2 mei 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF3416.

Voor zover het onderdeel ervan uitgaat dat het door het Hof in aanmerking genomen "belang van [verweerder 1] en IPA bij bescherming van een ongestoorde bedrijfsvoering en de persoonlijke levenssfeer en het belang gevrijwaard te blijven van aantasting van hun goede naam" nimmer of uitsluitend in, door het onderdeel niet nader aangeduide, bijzondere omstandigheden een dringende maatschappelijke noodzaak kan opleveren om een uitzendverbod te rechtvaardigen, berust het op een rechtsopvatting die, gelet op art. 10 lid 2 EVRM, niet als juist kan worden aanvaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e135b4221956982e48e40e0da670112867fe239ca1be1993a01efcdf176e12ca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e135b4221956982e48e40e0da670112867fe239ca1be1993a01efcdf176e12ca, en de alinea staat in dat document op bytes 20135 tot 20710.