Citaat | Hoge Raad 4 april 2003
Alinea 41 Hoge Raad 4 april 2003
Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF3419.
3.4 Met zijn oordeel in rov. 8 dat de beschikkingen van de Ondernemingskamer van 7 november 1996 en 27 maart 1997 geen directe betekenis hebben voor de in dit geding door SCC (in reconventie) gestelde rechtsbetrekking tussen partijen, heeft het Hof tot uitdrukking gebracht dat die beschikkingen niet (tevens) bindend doen vaststaan dat [verweerder] aansprakelijk is op de voet van art. 2:9 BW. Dit oordeel is juist. Onderdeel 1 dat uitgaat van een andere lezing van (dit gedeelte van) rov. 8 van het Hof, kan derhalve bij gebrek aan feitelijke grondslag niet tot cassatie leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e3adec4eecc190b1ce2d89007c75a700bce09fb38e9f6e23b4ebfe4591ed3ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e3adec4eecc190b1ce2d89007c75a700bce09fb38e9f6e23b4ebfe4591ed3ef, en de alinea staat in dat document op bytes 14639 tot 15232.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e3adec4eecc190b1ce2d89007c75a700bce09fb38e9f6e23b4ebfe4591ed3ef | shasum -a 256