Citaat | Hoge Raad 31 januari 2003

Alinea 32 Hoge Raad 31 januari 2003

Een alinea uit Hoge Raad 31 januari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF3638.

3.3 Het middel klaagt onder 6 dat de Rechtbank met deze overweging miskent dat vorderingen als de onderhavige die voortvloeien uit, althans betrekking hebben op de uitoefening door de ontvanger van zijn taak, uitsluitend tegen de ontvanger kunnen worden ingesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/63c2c18508dee835c90b73de0a886e396548827c536175061967b4ee791fba96. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 63c2c18508dee835c90b73de0a886e396548827c536175061967b4ee791fba96, en de alinea staat in dat document op bytes 9535 tot 9813.