Citaat | Hoge Raad 1 april 2003

Alinea 52 Hoge Raad 1 april 2003

Een alinea uit Hoge Raad 1 april 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF4146.

- Het vorenstaande brengt mee dat de omstandigheid dat de verdachte van bepaalde feiten is vrijgesproken er niet zonder meer aan in de weg staat dat die feiten in het kader van de ontnemingsprocedure als "soortgelijke feiten" of "feiten waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd" als bedoeld in art. 36e, tweede lid, Sr in aanmerking worden genomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/69633993c32e191bd90141de99390c6858487c541c7c55da5e258056d06a196a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 69633993c32e191bd90141de99390c6858487c541c7c55da5e258056d06a196a, en de alinea staat in dat document op bytes 17572 tot 17959.