Citaat | Hoge Raad 18 maart 2003
Alinea 42 Hoge Raad 18 maart 2003
Een alinea uit Hoge Raad 18 maart 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF4321.
3.5.1. Bij de beoordeling van het middel moet het volgende worden vooropgesteld. Indien de rechter die over de feiten oordeelt, vaststelt dat natuurlijke of rechtspersonen naar burgerlijk recht in de fase voorafgaand aan of tijdens het voorbereidend onderzoek onderzoekshandelingen hebben verricht met betrekking tot het feit waarvan de verdachte wordt verdacht, en daarbij onrechtmatig hebben gehandeld zonder dat opsporingsambtenaren of ambtenaren van het openbaar ministerie hiervan wetenschap of hiermee enige bemoeienis hebben gehad, zal niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in zijn vervolging als sanctie daarop niet in aanmerking komen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bec52237b222b4c3456d6eb35118f8f53669b8889790ab18625f7433089fe442. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bec52237b222b4c3456d6eb35118f8f53669b8889790ab18625f7433089fe442, en de alinea staat in dat document op bytes 13985 tot 14654.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bec52237b222b4c3456d6eb35118f8f53669b8889790ab18625f7433089fe442 | shasum -a 256