Citaat | Hoge Raad 16 mei 2003
Alinea 62 Hoge Raad 16 mei 2003
Een alinea uit Hoge Raad 16 mei 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF4602.
4.4 Onderdeel 2b klaagt terecht, dat voor de bepaling van de inhoud van een akte van cessie niet slechts van belang is, hetgeen uit de desbetreffende akte zelf blijkt. Het komt aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan elkaars verklaringen en gedragingen mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Het Hof is ook in dit opzicht van een onjuiste rechtsopvatting uitgegaan, indien het een andere maatstaf mocht hebben gehanteerd. Indien het wel van deze maatstaf zou zijn uitgegaan, is zijn oordeel - ook wat betreft de verwerping van het door de Bank gedane bewijsaanbod - niet toereikend gemotiveerd. Onderdeel 2a en middel II behoeven na het vorenstaande geen behandeling meer.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/09bbf98d586ba88853d9c14331e9881d2f80aefef0dec3e1c6b1f0474942cc09. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 09bbf98d586ba88853d9c14331e9881d2f80aefef0dec3e1c6b1f0474942cc09, en de alinea staat in dat document op bytes 18423 tot 19215.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/09bbf98d586ba88853d9c14331e9881d2f80aefef0dec3e1c6b1f0474942cc09 | shasum -a 256