Citaat | Hoge Raad 8 april 2003
Alinea 27 Hoge Raad 8 april 2003
Een alinea uit Hoge Raad 8 april 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF5094.
3.4. Nu, gelet op hetgeen hiervoor onder 3.2 is overwogen, het er in cassatie voor moet worden gehouden dat de raadsman niet bepaaldelijk was gemachtigd tot het voeren van de verdediging, terwijl evenmin blijkt van een uitzonderlijk geval als hiervoor onder 3.3 bedoeld, was de raadsman niet bevoegd het woord ter verdediging te voeren en was het Hof niet gehouden op het in het middel bedoelde verweer een met redenen omklede beslissing te geven (vgl. HR 12 november 2002, LJN AE 9028).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c7893f5a6d6fa73cdf708517fb1426c83e2ee3a3c3f6c23fc4ec32afc93ffa90. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c7893f5a6d6fa73cdf708517fb1426c83e2ee3a3c3f6c23fc4ec32afc93ffa90, en de alinea staat in dat document op bytes 8662 tot 9162.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c7893f5a6d6fa73cdf708517fb1426c83e2ee3a3c3f6c23fc4ec32afc93ffa90 | shasum -a 256