Citaat | Hoge Raad 15 april 2003

Alinea 25 Hoge Raad 15 april 2003

Een alinea uit Hoge Raad 15 april 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF5257.

3.4. Blijkens zijn hiervoren onder 3.2 weergegeven overwegingen heeft het Hof vastgesteld dat de wettelijke vertegenwoordiger van de minderjarige [slachtoffer 1] op 19 mei 1999 bekend is geworden met het jegens laatstgenoemde gepleegde feit. Gelet op het bepaalde in art. 66, eerste lid, Sr had in het onderhavige geval de wettelijke vertegenwoordiger derhalve de klacht moeten indienen binnen drie maanden na 19 mei 1999. Het oordeel van het Hof dat de klacht, die blijkens zijn overwegingen eerst op 22 september 2000 is gedaan, tijdig is ingediend, is mitsdien onjuist.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/af51495b559d50276a8a8eb886579ae9d949d9295a751f9f9bb188331d4e9152. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt af51495b559d50276a8a8eb886579ae9d949d9295a751f9f9bb188331d4e9152, en de alinea staat in dat document op bytes 14735 tot 15320.