Citaat | Hoge Raad 8 juli 2003
Alinea 82 Hoge Raad 8 juli 2003
Een alinea uit Hoge Raad 8 juli 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF5456.
Voorzover verweer en middel betogen dat art. 6 EVRM eraan in de weg staat dat de door de verdachte ten overstaan van de PEC Opsporingsmethoden afgelegde (meinedige) verklaring in de onderhavige strafzaak tot het bewijs wordt gebezigd, falen zij eveneens. Die verdragsbepaling strekt - voorzover hier aan de orde - ertoe een verdachte te behoeden voor een veroordeling op grond van door hem onder dwang afgelegde verklaringen omtrent zijn betrokkenheid bij enig strafbaar feit en niet tot bescherming van een verdachte die, zoals in het onderhavige geval, alvorens sprake was van een "criminal charge", opzettelijk in strijd met de waarheid een verklaring heeft afgelegd en daarmee een strafbaar feit heeft gepleegd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ee9b49d474cba6e9c5c489a3a8ffbb44cc0dda207d2edbfbd3e5a9c5c592b7e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ee9b49d474cba6e9c5c489a3a8ffbb44cc0dda207d2edbfbd3e5a9c5c592b7e, en de alinea staat in dat document op bytes 34096 tot 34825.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3ee9b49d474cba6e9c5c489a3a8ffbb44cc0dda207d2edbfbd3e5a9c5c592b7e | shasum -a 256