Citaat | Hoge Raad 16 september 2003

Alinea 20 Hoge Raad 16 september 2003

Een alinea uit Hoge Raad 16 september 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF5690.

3.5. Het hiervoor onder 3.3 bedoelde betoog komt erop neer dat de verdachte heeft gehandeld overeenkomstig nadere instructies van [E] op welke instructies hij meende te mogen en moeten afgaan. Ter verwerping van dat verweer heeft het Hof tot uitdrukking gebracht (a) dat de door BHW aan de verdachte gegeven instructies duidelijk en niet voor tweeërlei uitleg vatbaar zijn, (b) dat de stelling dat de verdachte op grond van "de mededelingen" van [E] heeft aangenomen dat de BHW in de onderhavige gevallen geen hypothecaire zekerheidsstelling wenste en haar had gemachtigd om de verdachte te instrueren de gelden zonder die zekerheidsstelling af te geven, ongeloofwaardig is, en (c) dat geen feiten en omstandigheden aannemelijk zijn geworden op grond waarvan de verdachte erop mocht vertrouwen dat de instructies van [E] waren gebaseerd op een door BHW gegeven volmacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/382098d302e428af6a8dc36ca2a45a4839e0ab5dcc2bca441504c7922d0cbe1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 382098d302e428af6a8dc36ca2a45a4839e0ab5dcc2bca441504c7922d0cbe1a, en de alinea staat in dat document op bytes 7332 tot 8217.