Citaat | Hoge Raad 13 juni 2003
Alinea 56 Hoge Raad 13 juni 2003
Een alinea uit Hoge Raad 13 juni 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF5887.
3.5.1 Wat betreft de vordering van de vrouw om de dwangsom op te heffen dan wel de looptijd ervan gedurende een bepaalde termijn op te schorten, heeft het Hof in rov. 5.3 geoordeeld dat voor toewijzing van een dergelijke vordering in beginsel slechts plaats is als de veroordeelde buiten staat is om aan de veroordeling ten principale te voldoen. Nu de vrouw zelf vóór het transport beslag heeft gelegd, heeft zij zichzelf, aldus het Hof, onnodig in de onmogelijkheid gebracht om de veroordeling ten principale te (doen) effectueren en heeft zij door het beslag te handhaven die toestand ook onnodig doen voortduren. Hiertegen keren zich de onderdelen 3.4 - 3.7.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eebd7a7a3feeda3833609f8e5b0bda049738ec10fa78ba7e9ec244106ef42f32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eebd7a7a3feeda3833609f8e5b0bda049738ec10fa78ba7e9ec244106ef42f32, en de alinea staat in dat document op bytes 17938 tot 18615.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eebd7a7a3feeda3833609f8e5b0bda049738ec10fa78ba7e9ec244106ef42f32 | shasum -a 256