Citaat | Hoge Raad 2 mei 2003

Alinea 30 Hoge Raad 2 mei 2003

Een alinea uit Hoge Raad 2 mei 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF5892.

3.2 Aan zijn vordering tot zekerheidstelling heeft [eiser] ten grondslag gelegd dat hij, indien het geschil tussen hem en de curator uiteindelijk in zijn voordeel wordt beslist en het faillissement al voordien is afgewikkeld, geconfronteerd zal worden met "een bijkans onverhaalbare vordering."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d8bec1f0f63c9400ca1a75ac2e73885a5ab24d575b943c67978d023e30435735. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d8bec1f0f63c9400ca1a75ac2e73885a5ab24d575b943c67978d023e30435735, en de alinea staat in dat document op bytes 9993 tot 10300.