Citaat | Hoge Raad 6 juni 2003
Alinea 41 Hoge Raad 6 juni 2003
Een alinea uit Hoge Raad 6 juni 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF6203.
3.3.4 Onderdeel 2.1 klaagt dat het Hof heeft miskend dat het bij de uitleg van een verzekeringsovereenkomst als de onderhavige, in geval van een aanspraak van een derde op uitkering uit hoofde van de overeenkomst, in beginsel aankomt op de zin waarin [eiser] als verzekerde derde de polisbepalingen in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs mocht opvatten. Het onderdeel kan bij gebrek aan feitelijke grondslag niet tot cassatie leiden, nu het Hof juist in rov. 4 van het eerste tussenarrest als uitgangspunt heeft genomen dat, nu partijen van mening verschillen omtrent de uitleg van de verzekeringsovereenkomst op dit punt, het aankomt op de zin waarin [eiser] als verzekerde derde deze polisbepalingen in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs mocht opvatten, waarbij wetenschap van HKA niet zonder meer aan [eiser] valt toe te rekenen. Deze overweging is in cassatie niet bestreden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96592feaffdc4e2fbadc9646d4b02cada1e9e259bb9215689bd46bd6506cca6b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96592feaffdc4e2fbadc9646d4b02cada1e9e259bb9215689bd46bd6506cca6b, en de alinea staat in dat document op bytes 11569 tot 12472.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/96592feaffdc4e2fbadc9646d4b02cada1e9e259bb9215689bd46bd6506cca6b | shasum -a 256