Citaat | Hoge Raad 20 mei 2003
Alinea 31 Hoge Raad 20 mei 2003
Een alinea uit Hoge Raad 20 mei 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF6244.
4.2. Het Hof heeft aldus verzuimd met toepassing van art. 62 Sr voor elke overtreding afzonderlijk straf op te leggen. De Hoge Raad neemt aan dat het Hof ten aanzien van elk van de 96 overtredingen afzonderlijk een (voorwaardelijke) geldboete van vijftig gulden heeft willen opleggen, subsidiair een hechtenis naar de wettelijke maatstaven. Ingevolge art. 24c, derde lid, Sr is de duur van de vervangende hechtenis ten minste één dag, zodat deze in dit geval in totaal 96 dagen, in plaats van de door het Hof opgelegde vijftig dagen, behoort te belopen. Een en ander zou dienen te leiden tot gedeeltelijke vernietiging van de bestreden uitspraak en tot verwijzing van de zaak in zoverre. De Hoge Raad zal de zaak om doelmatigheidsredenen echter zelf afdoen, aangezien de rechter, naar wie de zaak zou worden verwezen, ten aanzien van de subsidiair op te leggen hechtenis tot geen andere beslissing zou kunnen komen dan zojuist weergegeven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d0ff0a7aafc999d7bd68592392b9c2f1fc8541beaf87909fbeae41b4604b9f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d0ff0a7aafc999d7bd68592392b9c2f1fc8541beaf87909fbeae41b4604b9f0, en de alinea staat in dat document op bytes 10865 tot 11819.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5d0ff0a7aafc999d7bd68592392b9c2f1fc8541beaf87909fbeae41b4604b9f0 | shasum -a 256