Citaat | Hoge Raad 10 juni 2003

Alinea 51 Hoge Raad 10 juni 2003

Een alinea uit Hoge Raad 10 juni 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF6597.

Voorts heeft de Rechtbank blijkens het hiervoor onder 3.2 weergegevene geoordeeld dat de opgeëiste persoon in Nederland verblijft, dat zijn identiteit vaststaat en dat bij haar ambtshalve ingestelde onderzoek niet is gebleken dat er geen sprake kan zijn van een vermoeden van schuld aan de feiten waarvoor zijn uitlevering is gevraagd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/846368d4a8ccbb7b71776d42fc864ac3600fc5215554a3a8c696c233803ddcca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 846368d4a8ccbb7b71776d42fc864ac3600fc5215554a3a8c696c233803ddcca, en de alinea staat in dat document op bytes 15374 tot 15724.