Citaat | Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 33 Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7004.

3.1 Voor zover in cassatie nog van belang gaat het in dit geding om de toewijsbaarheid van de door de Stichtingen op grond van de daartoe strekkende bepalingen in hun te dezen toepasselijke reglementen gevorderde buitengerechtelijke kosten en kosten van invordering. De Kantonrechter heeft deze vordering afgewezen en daartoe overwogen dat gesteld noch gebleken is dat de werkzaamheden waarvan vergoeding wordt gevorderd, zijn aan te merken als verrichtingen anders dan die "ter voorbereiding van de gedingstukken en ter instructie van de zaak".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2f0b72063ce271e0095f063ab268cf1c12a4b358c199b84774cfb2355b1bbd63. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2f0b72063ce271e0095f063ab268cf1c12a4b358c199b84774cfb2355b1bbd63, en de alinea staat in dat document op bytes 7972 tot 8530.