Citaat | Hoge Raad 11 april 2003

Alinea 20 Hoge Raad 11 april 2003

Een alinea uit Hoge Raad 11 april 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7099.

3.2.3. Het middel faalt. Het Hof van Justitie heeft, zoals in het middel terecht wordt aangevoerd, in zijn arrest overwogen dat normaal gesproken elke dienstverrichting als onderscheiden en zelfstandig moet worden beschouwd en dat een dienstverrichting waarbij economisch gesproken één dienst wordt verleend, niet kunstmatig uit elkaar moet worden gehaald, teneinde de functionaliteit van het BTW-stelsel niet aan te tasten. Het heeft echter ook overwogen dat het van belang is vast te stellen, wat de kenmerkende elementen zijn van de betrokken handeling teneinde te bepalen of de belastingplichtige aan de consument, beschouwd als de modale consument, meerdere, van elkaar te onderscheiden hoofddiensten dan wel één enkele dienst verleent. In 's Hofs oordeel ligt besloten het oordeel dat dit laatste het geval is, welk oordeel geen blijkt geeft van een onjuiste rechtsopvatting en, als verweven met waarderingen van feitelijke aard, voor het overige niet cassatie niet op zijn juistheid kan worden getoetst. Het is ook niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e06c7c416f5e676ce27e3d800b2d724d21c299ae6f8be60428ea5bd8a104eefb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e06c7c416f5e676ce27e3d800b2d724d21c299ae6f8be60428ea5bd8a104eefb, en de alinea staat in dat document op bytes 8524 tot 9611.