Citaat | Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 38 Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7674.

De Rechtbank heeft met haar overweging (in rov. 5.7) dat (ook) de inleiding van de voortzetting van het geding bij het Landgericht Kleve moet voldoen aan de norm gesteld in art. 27 EEX-Verdrag, kennelijk tot uitdrukking gebracht dat naar haar oordeel, ook indien aangenomen moet worden dat naar Duits recht bij de behandeling voor het Amtsgericht Geldern en de opvolgende behandeling voor het Landgericht Kleve sprake is van één procedure, de oproeping voor de voortzetting van de procedure voor het Landgericht Kleve moet voldoen aan de eisen die art. 27, aanhef en onder 2, EEX-Verdrag stelt aan de inleiding van een procedure die in een verstekvonnis eindigt. Dit oordeel wordt in cassatie niet bestreden. [Eiseres] heeft derhalve geen belang bij haar klacht dat de Rechtbank niet of onvoldoende is ingegaan op hetgeen zij heeft aangevoerd ten betoge dat naar Duits procesrecht bij de behandeling voor het Amtsgericht Geldern en het Landgericht Kleve sprake is van één procedure. Onderdeel 1 kan derhalve niet tot cassatie leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8f72639583570586d009bfe9172429deaa13b8ff9862cf04d047e3c67b4a58b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8f72639583570586d009bfe9172429deaa13b8ff9862cf04d047e3c67b4a58b, en de alinea staat in dat document op bytes 11495 tot 12545.