Citaat | Hoge Raad 21 oktober 2003
Alinea 36 Hoge Raad 21 oktober 2003
Een alinea uit Hoge Raad 21 oktober 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7938.
- de rechtspersoon vermocht erover te beschikken of de gedraging al dan niet zou plaatsvinden en zodanig of vergelijkbaar gedrag werd blijkens de feitelijke gang van zaken door de rechtspersoon aanvaard of placht te worden aanvaard. Onder bedoeld aanvaarden is mede begrepen het niet betrachten van de zorg die in redelijkheid van de rechtspersoon kon worden gevergd met het oog op de voorkoming van de gedraging. Daarbij verdient opmerking dat laatstbedoelde criteria - die zijn ontwikkeld in HR 23 februari 1954, NJ 1954, 378 en die naar het geval dat in die zaak aan de orde was, plegen te worden aangeduid als "ijzerdraadcriteria" - weliswaar zijn ontwikkeld met het oog op het functionele daderschap van een natuurlijke persoon (dus met het oog op de strafrechtelijke aansprakelijkheid van een natuurlijk persoon voor een gedraging van een andere natuurlijke persoon), maar dat zij in voorkomende gevallen tevens kunnen fungeren als maatstaven voor de toerekening van een gedraging van een natuurlijk persoon aan een rechtspersoon (vgl. HR 14 januari 1992, NJ 1992, 413).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/afa82ffaf0a875ba770d9ea44854f21d4433aa3c3fff8f4e6463b2bdf00c0ee5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt afa82ffaf0a875ba770d9ea44854f21d4433aa3c3fff8f4e6463b2bdf00c0ee5, en de alinea staat in dat document op bytes 12174 tot 13263.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/afa82ffaf0a875ba770d9ea44854f21d4433aa3c3fff8f4e6463b2bdf00c0ee5 | shasum -a 256