Citaat | Hoge Raad 24 juni 2003

Alinea 33 Hoge Raad 24 juni 2003

Een alinea uit Hoge Raad 24 juni 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7985.

5.6. Voorts volgt uit hetgeen hiervoor onder 4 is vooropgesteld dat de opvatting van het middel, daarop neerkomende dat, nu het Hof zich in de nadere bewijsoverweging heeft beroepen op de conclusies van het rapport van 14 maart 2001 van de getuige-deskundige Chang en op de verklaring die deze op 8 augustus 2002 heeft afgelegd tegenover de Rechter-Commissaris, het relevante gedeelte van dat rapport en die verklaring onder de gebezigde bewijsmiddelen hadden moeten worden opgenomen, onjuist is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56f8f8ff12fb7673d823c893104448f711a03cc4a3dd7fd53bada1816752ff30. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56f8f8ff12fb7673d823c893104448f711a03cc4a3dd7fd53bada1816752ff30, en de alinea staat in dat document op bytes 11437 tot 11946.