Citaat | Hoge Raad 12 september 2003

Alinea 19 Hoge Raad 12 september 2003

Een alinea uit Hoge Raad 12 september 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF8560.

Eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - heeft bij exploit van 27 juni 2000 verweerster in cassatie - verder te noemen: [verweerster] - gedagvaard voor de kantonrechter te Oud-Beijerland en gevorderd bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, [verweerster] te veroordelen om aan [eiser] te betalen ter zake van achterstallig salaris een bedrag van ƒ 109.792,80 bruto, ter zake van overuren een bedrag van ƒ 56.806,-- bruto, ter zake van niet-genoten vakantiedagen een bedrag van ƒ 20.840,-- bruto, en ter zake van gebruik eigen auto een bedrag van ƒ 8.000,-- netto, te vermeerderen met de wettelijke rente en de wettelijke verhoging vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/708c8c10ff220f1419444b2ca302946f1597c624e03e710f193fe86fcd505e03. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 708c8c10ff220f1419444b2ca302946f1597c624e03e710f193fe86fcd505e03, en de alinea staat in dat document op bytes 5438 tot 6179.