Citaat | Hoge Raad 5 september 2003
Alinea 48 Hoge Raad 5 september 2003
Een alinea uit Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF8578.
De rechter dient bij de beoordeling van een verzoek als bedoeld in art. 1:24 BW tot, zoals in het onderhavige geval, verbetering van een in een register van de burgerlijke stand voorkomende akte volledig te toetsen of de akte in de door de verzoeker gewenste vorm in die registers behoort te worden opgenomen (vgl. HR 16 oktober 1992, nr. 8106, NJ 1992, 790). In een geval als het onderhavige, waarin het gaat om de vraag of in de geboorteakte van een in Nederland geboren kind moet worden vermeld dat de man als gevolg van een in het buitenland gesloten huwelijk de vader van het kind is, en het verzoek derhalve een vaststelling vergt die grote verwantschap vertoont met een beslissing als bedoeld in art. 1:26 BW, moet art. 1:26d BW van overeenkomstige toepassing worden geacht en kan de rechter derhalve met overeenkomstige toepassing van art. 986 lid 3 Rv. legalisatie van de overgelegde huwelijksverklaring verlangen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f417dbeddb0c30cf71cd8aec3bd9812b0e98b6bad5058ef6c8518756143b37f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f417dbeddb0c30cf71cd8aec3bd9812b0e98b6bad5058ef6c8518756143b37f5, en de alinea staat in dat document op bytes 17257 tot 18193.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f417dbeddb0c30cf71cd8aec3bd9812b0e98b6bad5058ef6c8518756143b37f5 | shasum -a 256