Citaat | Hoge Raad 10 oktober 2003

Alinea 47 Hoge Raad 10 oktober 2003

Een alinea uit Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF9416.

"Voorts kan niet gezegd worden dat de schade voor [verweerder 1] reeds eind juli 1991 vaststond. Niet alleen staat niet vast dat de brief van 26 juli 1991 waarop [eiser] in dit verband doelt onmiddellijk bekend is geworden bij [verweerder 1], maar bovendien wordt door de belastingdienst in de brief gewezen op de mogelijkheid bezwaar te maken. [eiser] heeft ook daadwerkelijk bezwaar aangetekend, waarop eerst bij uitspraak van 7 augustus 1992 negatief is beslist. Eerst op dat moment (althans op het moment dat [verweerder 1] van deze uitspraak op de hoogte kwam) moest [verweerder 1] ervan uitgaan dat de belastingdienst het standpunt van [eiser] niet wenste te volgen. Voordien mocht hij er redelijkerwijs op vertrouwen dat het voor hem door [eiser] ingediende bezwaar succes zou kunnen hebben; in ieder geval kan [eiser], die zelf het bezwaarschrift voor [verweerder 1] heeft ingediend, zich thans ter afwering van aansprakelijkheid niet op het standpunt stellen dat een dergelijk bezwaarschrift zinloos was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd89fa12832292bd8c35df6d93b370adbe1fb0c20bddf970a8f8ea46fc56c9d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd89fa12832292bd8c35df6d93b370adbe1fb0c20bddf970a8f8ea46fc56c9d8, en de alinea staat in dat document op bytes 11135 tot 12161.