Citaat | Hoge Raad 1 juli 2003
Alinea 54 Hoge Raad 1 juli 2003
Een alinea uit Hoge Raad 1 juli 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF9417.
4.3. Het Hof heeft in zijn hiervoor weergegeven overwegingen tot uitdrukking gebracht, kort gezegd, dat de omstandigheid dat door de Officier van Justitie in eerste aanleg bepaalde stukken niet aan het dossier zijn toegevoegd, die naar 's Hofs oordeel wel aan het dossier hadden moeten worden toegevoegd, een schending oplevert van beginselen van een behoorlijke procesorde. Het Hof heeft voorts overwogen dat de Advocaat-Generaal bij het Hof ongevraagd in hoger beroep alsnog volledige openheid van zaken heeft gegeven door de desbetreffende bevindingen aan het strafdossier toe te voegen. In verband met het door het Hof geconstateerde verzuim heeft het overwogen dat de aan de verdachte op te leggen straf op de voet van art. 359a, eerste lid aanhef en onder a, Sv zal worden verlaagd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc97b3268553da37d3c9ac6b3121088ec15b0d9e3cb6feec733265133e526428. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc97b3268553da37d3c9ac6b3121088ec15b0d9e3cb6feec733265133e526428, en de alinea staat in dat document op bytes 20195 tot 20996.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc97b3268553da37d3c9ac6b3121088ec15b0d9e3cb6feec733265133e526428 | shasum -a 256