Citaat | Hoge Raad 19 december 2003

Alinea 49 Hoge Raad 19 december 2003

Een alinea uit Hoge Raad 19 december 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF9710.

3.10.2 Onderdeel 2.1 brengt hiertegen in dat alle volgens de gangbare techniek door de desbetreffende kloon geproduceerde antilichamen identiek zijn (een monoklonaal antilichaam behoort hetzij tot klasse III hetzij niet tot klasse III) en er derhalve niets valt te separeren. Deze klacht berust echter op een onjuiste lezing van het arrest en kan daarom niet tot cassatie leiden. Met het woord separeren heeft het hof kennelijk bedoeld dat met de door Newell bedoelde werkwijze weliswaar in een aantal gevallen antilichamen van klasse III werden verkregen, maar dat zulks naar de stand van de techniek zoals deze bestond op de prioriteitsdatum berustte op toeval en onduidelijk was of dit was geschied (de kans daarop was 30%), terwijl het octrooi van [verweerder] c.s. aan de vakman een werkwijze verschafte door toepassing waarvan met zekerheid een antilichaam van klasse III kon worden verkregen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1908867225ee206e8bf1e4c3333737d46f4c21be0dab416b2986a60dee43e4f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1908867225ee206e8bf1e4c3333737d46f4c21be0dab416b2986a60dee43e4f0, en de alinea staat in dat document op bytes 17630 tot 18542.