Citaat | Hoge Raad 19 december 2003
Alinea 102 Hoge Raad 19 december 2003
Een alinea uit Hoge Raad 19 december 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF9714.
4.7.1 Onderdeel 1 heeft betrekking op eigenschap (a) van conclusie 1. Het hof heeft naar aanleiding van het betoog van Roche c.s. dat het door haar gebruikte MAb T84.66 bindt aan CEA van 180.000 Da en niet specifiek aan CEA van 200.000 Da onderzocht of de vermelding in conclusie 1 dat het geclaimde antilichaam specifiek bindt aan de epitoop op 200.000 Da-CEA beperkend is bedoeld. Het is vervolgens tot een ontkennende beantwoording van die vraag gekomen, kort gezegd, door vast te stellen dat uit het octrooischrift blijkt dat het molecuulgewicht op een schatting berust en ten processe is gebleken dat CEA een ongewoon hoge mate van heterogeniteit in zijn molecuulgrootte kent in het bereik van 180.000 ± 20.000 Da. Daaraan heeft het hof de gevolgtrekking verbonden dat het 200.000 Da-CEA van conclusie 1 niet een andere stof is dan de CEA van 180.000 Da. Het hof heeft er daarbij op gewezen dat het ook in de nietigheidsprocedure tot die slotsom gekomen is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/95a0ce6775f47311c934f5f4ccff62212293c62e1c71a47d2cfd84f414f83a20. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 95a0ce6775f47311c934f5f4ccff62212293c62e1c71a47d2cfd84f414f83a20, en de alinea staat in dat document op bytes 32266 tot 33242.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/95a0ce6775f47311c934f5f4ccff62212293c62e1c71a47d2cfd84f414f83a20 | shasum -a 256