Citaat | Hoge Raad 10 juni 2003

Alinea 24 Hoge Raad 10 juni 2003

Een alinea uit Hoge Raad 10 juni 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF9724.

16. Bovendien heeft het hof bij de beoordeling van de betrouwbaarheid van de tot bewijs gebezigde verklaringen van [getuige 2] in aanmerking genomen de omstandigheid dat hij door de politie in verband met verdenking van het in beide instanties intrekken van zijn hiervoor tot bewijs gebezigde verklaringen telkens heeft verklaard, dat die intrekking werd ingegeven door de angst voor represailles tegen hem of zijn familie van de zijde van bepaalde verdachten en vervolgens telkens tegenover de politie heeft verklaard dat hij bij bedoelde verklaringen bleef.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13f31db9659db4c5b15306fbaf17631099ec8c95ffa0a3d8a0b91b9a37c1c9a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13f31db9659db4c5b15306fbaf17631099ec8c95ffa0a3d8a0b91b9a37c1c9a7, en de alinea staat in dat document op bytes 8979 tot 9551.