Citaat | Hoge Raad 10 juni 2003
Alinea 30 Hoge Raad 10 juni 2003
Een alinea uit Hoge Raad 10 juni 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF9724.
4.3. Het tweede onderdeel van de aanvraag betreft de omstandigheid dat ten aanzien van de getuige [getuige 2] na het wijzen van de uitspraak aannemelijk is geworden dat "hij op ontoelaatbare wijze door de politie onder druk is gezet en de politie hem een verklaring heeft voorgelegd die hij heeft getekend", "hij ten tijde van zijn detentie psychotisch was en daarvoor geen medicijnen kreeg toegediend" en "hij ten tijde van de tenlastegelegde feiten en in de periode daarna bovendien buitengewoon slechthorend was en destijds geen gehoorapparaat had, zodat hij wellicht niet gehoord zal hebben wat hij over [de aanvrager] heeft verklaard".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13f31db9659db4c5b15306fbaf17631099ec8c95ffa0a3d8a0b91b9a37c1c9a7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13f31db9659db4c5b15306fbaf17631099ec8c95ffa0a3d8a0b91b9a37c1c9a7, en de alinea staat in dat document op bytes 11773 tot 12426.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/13f31db9659db4c5b15306fbaf17631099ec8c95ffa0a3d8a0b91b9a37c1c9a7 | shasum -a 256