Citaat | Hoge Raad 30 september 2003
Alinea 32 Hoge Raad 30 september 2003
Een alinea uit Hoge Raad 30 september 2003, ECLI:NL:HR:2003:AG3813.
Het hof verwerpt deze verweren. Het hof is van oordeel, dat verdachte, nu deze wist dat het om een in het openbaar uit te zenden vraaggesprek ging - en een algemeen correctierecht waarop de raadsman zich heeft beroepen, geen steun vindt in het recht - het na het uitspreken van de gewraakte bewoordingen niet meer in haar macht had om de uitzending daarvan te voorkomen. De verdachte heeft de beledigende taal vervolgens tijdens de opname gebezigd. Hier doet niet aan af dat verdachtes echtgenoot de journalist heeft verzocht het beledigende stuk niet uit te zenden. Het hof heeft hierbij in aanmerking genomen dat er voorafgaande aan deze opname geen afspraak is gemaakt omtrent enig correctierecht van verdachte. Derhalve werd het delict van artikel 137c van het Wetboek van Strafrecht gepleegd op het moment dat verdachte de beledigende woorden uitte, zij het dat het eerst werd voltooid door de uitzending daarvan."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/be4fca85576054add9534b4098a41aaac9573b763784f8026ed5efa302c9394e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt be4fca85576054add9534b4098a41aaac9573b763784f8026ed5efa302c9394e, en de alinea staat in dat document op bytes 10788 tot 11720.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/be4fca85576054add9534b4098a41aaac9573b763784f8026ed5efa302c9394e | shasum -a 256