Citaat | Hoge Raad 7 november 2003
Alinea 49 Hoge Raad 7 november 2003
Een alinea uit Hoge Raad 7 november 2003, ECLI:NL:HR:2003:AI0280.
3.2 De curatoren hebben de veroordeling van [verweerster] gevorderd tot betaling van ƒ 1.179.501,--. Zij stellen daartoe dat dit bedrag het aandeel is van Juno in het vermogen van de v.o.f. Door [verweerster] is niet bestreden dat zij dit bedrag aan Juno verschuldigd is, maar zij heeft aangevoerd dat die schuld verrekend dient te worden met de vordering die zij ingevolge de hiervoor onder 3.1(viii) vermelde subrogatie op Juno heeft verkregen. De rechtbank heeft het beroep op verrekening gehonoreerd en de vordering van de curatoren afgewezen. Het hof heeft het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. Het hof overwoog daartoe onder meer dat zowel de schuld van [verweerster] aan Juno als haar vordering op Juno rechtstreeks voortvloeit uit handelingen daterend van voor het faillissement en dat [verweerster] zich derhalve kan beroepen op art. 53 F. (rov. 7 en 8). In dit geval staat art. 54 lid 2 F. niet aan verrekening op grond van art. 53 F. in de weg omdat het hier niet gaat om een "overnemen" als bedoeld in art. 54 lid 2 F., aldus het hof in rov. 9.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cabec891740d64335705d444cc8c7ed07c8b40febc623e140fbd3edfc97fe6b3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cabec891740d64335705d444cc8c7ed07c8b40febc623e140fbd3edfc97fe6b3, en de alinea staat in dat document op bytes 13591 tot 14665.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cabec891740d64335705d444cc8c7ed07c8b40febc623e140fbd3edfc97fe6b3 | shasum -a 256