Citaat | Hoge Raad 5 december 2003

Alinea 101 Hoge Raad 5 december 2003

Een alinea uit Hoge Raad 5 december 2003, ECLI:NL:HR:2003:AI0294.

3.8 Onderdeel 1.a klaagt dat het hof heeft miskend dat het door de Commissie overeenkomstig de procedure van art. 17 van Richtlijn 90/425/EEG in verbinding met art. 17 van Richtlijn 89/662/EEG aan het Permanent Veterinair Comité voorleggen van een ontwerp van de te nemen maatregel - de machtiging tot het door de Staat toepassen van het eiwitscheidingsprotocol - behoort tot het exclusieve initiatiefrecht van de Commissie, hetgeen meebrengt dat op de Commissie als zodanig geen verplichting rust tot handelen zoals vereist is voor het slagen van een beroep wegens nalaten op grond van art. 175 EG-Verdrag (thans art. 232 EG). Ook hier gaat het om een vraag van uitleg van gemeenschapsrecht, waarop het antwoord niet duidelijk is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ffc7f0214481dc518593fc07526da637a409a4e7d079120234c9517f65427d0a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ffc7f0214481dc518593fc07526da637a409a4e7d079120234c9517f65427d0a, en de alinea staat in dat document op bytes 33256 tot 34001.