Citaat | Hoge Raad 5 december 2003

Alinea 76 Hoge Raad 5 december 2003

Een alinea uit Hoge Raad 5 december 2003, ECLI:NL:HR:2003:AI0294.

Ook het verweer van de Staat dat voor [verweerster] de mogelijkheid openstond om op grond van art. 215 EG-Verdrag (thans art. 288 EG) schadevergoeding te vorderen op grond van het feit dat de Commissie in strijd met de voor haar geldende verplichting naliet Nederland te machtigen het eiwitscheidingsprotocol toe te passen, werd door het hof verworpen. Op zichzelf, aldus het hof, is wel juist dat [verweerster] schadevergoeding van de Europese Gemeenschap kan of kon vorderen op grond van het bepaalde in art. 215 EG-Verdrag (thans art. 288). Die procedure zou echter niet hetzelfde resultaat hebben opgeleverd als het beroep wegens nalaten en van [verweerster] kan niet worden verlangd dat zij genoegen neemt met schadevergoeding in plaats van de machtiging die haar in staat zou stellen haar productieproces ongestoord voort te zetten. Het enkele feit dat [verweerster] een vordering tot schadevergoeding kon instellen, betekent dan ook volgens het hof op zichzelf niet dat de Staat niet kan zijn tekortgeschoten in het treffen van maatregelen om te bereiken dat de Commissie de machtiging zou verlenen. (rov. 4.3)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ffc7f0214481dc518593fc07526da637a409a4e7d079120234c9517f65427d0a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ffc7f0214481dc518593fc07526da637a409a4e7d079120234c9517f65427d0a, en de alinea staat in dat document op bytes 21085 tot 22215.