Citaat | Hoge Raad 10 oktober 2003
Alinea 35 Hoge Raad 10 oktober 2003
Een alinea uit Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:HR:2003:AI0309.
3.3 Uit art. 232 lid 1 Rv., inhoudende dat de rechter, voordat hij definitief over de zaak beslist, een tussenvonnis kan wijzen, volgt wat moet worden verstaan onder een tussenvonnis of tussenarrest: een vonnis of arrest waarin de rechter nog niet definitief over de zaak beslist. Met het bepaalde in art. 232 lid 1 Rv. is niet een breuk beoogd met de vaste rechtspraak volgens welke onder een eindvonnis te verstaan is een vonnis waarin de rechter door een uitdrukkelijk dictum aan het geding omtrent enig deel van het gevorderde een einde maakt. Het dictum van het bestreden arrest - bekrachtigt het vonnis waarvan beroep; veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding en verwijst de zaak terug naar de rechtbank voor verdere behandeling - houdt niet een beslissing in die ten opzichte van (een van) de betrokken partijen is aan te merken als een beslissing waarmee aan het geding omtrent enig deel van het gevorderde een einde wordt gemaakt. Dat arrest is dus een tussenarrest. Het behelst niet het toestaan of weigeren van een voorlopige voorziening, zodat beroep in cassatie daartegen slechts tegelijk met dat tegen het eindarrest kan worden ingesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6db71db94ac70ee4b0092bfb6a4ac608cad2f977d5335d325bd19597439fdae2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6db71db94ac70ee4b0092bfb6a4ac608cad2f977d5335d325bd19597439fdae2, en de alinea staat in dat document op bytes 9824 tot 11001.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6db71db94ac70ee4b0092bfb6a4ac608cad2f977d5335d325bd19597439fdae2 | shasum -a 256