Citaat | Hoge Raad 10 oktober 2003
Alinea 38 Hoge Raad 10 oktober 2003
Een alinea uit Hoge Raad 10 oktober 2003, ECLI:NL:HR:2003:AI0366.
3.3 Bij de beoordeling van het middel stelt de Hoge Raad voorop dat weliswaar de taak van de cassatierechter bij het toetsen van de motivering van alimentatiebeschikkingen een beperkte is, maar dat ook voor deze beschikkingen geldt dat zij ten minste zodanig moeten worden gemotiveerd dat zij voldoende inzicht geven in de daaraan ten grondslag liggende gedachtegang, om de beslissing zowel voor partijen als voor derden - in het geval van openstaan van hogere voorzieningen: de hogere rechter daaronder begrepen - controleerbaar en aanvaardbaar te maken (vgl. HR 4 juni 1993, nr. 15.096, NJ 1993, 659 en HR 29 juni 2001, R00/147, NJ 2001, 495). Hoe ver de motiveringsplicht van de rechter gaat, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Tot die omstandigheden behoort mede het aan de beslissing ten grondslag liggende partijdebat.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8dff8783185a839b5348e969f94696de2c841f11655f5876f10b65fcf2ddd952. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8dff8783185a839b5348e969f94696de2c841f11655f5876f10b65fcf2ddd952, en de alinea staat in dat document op bytes 12012 tot 12866.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8dff8783185a839b5348e969f94696de2c841f11655f5876f10b65fcf2ddd952 | shasum -a 256