Citaat | Hoge Raad 26 augustus 2003

Alinea 56 Hoge Raad 26 augustus 2003

Een alinea uit Hoge Raad 26 augustus 2003, ECLI:NL:HR:2003:AI0369.

3.5.1 Onderdeel 3 is gericht tegen rov. 4.9 waarin het Hof de bevinding van de bewindvoerder heeft onderschreven dat de schuldeisers van UPC er door de Belmarkenlening, als vervanging van de Bridge Loan, niet op zijn achteruitgegaan. Hierbij heeft het Hof in de eerste plaats in aanmerking genomen: het door de Belmarkenlening ter beschikking gekomen bedrag, de gunstiger rentebepalingen en de mogelijkheid de lening te converteren in aandelen, afhankelijk van de beurskoers. Voorts heeft het Hof overwogen dat de bewindvoerder in dit verband erop heeft gewezen dat ook onder de Bridge Loan Goldman Sachs c.s. eerst integraal zou zijn voldaan als crediteur van Belmarken Holding B.V. en UPC Internet Holding B.V. voordat de crediteuren van UPC aan de beurt zouden komen, en dat de verpanding van de aandelen van Belmarken Holding B.V. en UPC Holding B.V. hierin geen verandering bracht, evenmin als de verpanding van de aandelen UPC Holding B.V. als 100% dochtermaatschappij van Belmarken Holding B.V. Indien immers, aldus het Hof, deze vennootschappen onverhoopt de Belmarkenlening niet zouden kunnen aflossen en in staat van insolventie zouden komen te verkeren, zouden de aandelen in deze vennootschappen geen waarde meer vertegenwoordigen. Ten slotte wijst het Hof erop dat volgens de bewindvoerder de crediteuren van UPC ook als de genoemde aandelen niet waren verpand, in geval van faillissement van UPC slechts een uitkering zouden ontvangen variërend van gemiddeld 2 tot 2,9 %.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7b0b39989f8d29f1d53a59501dbb1878730c15c293e90f7ed6594e0bb91cead8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7b0b39989f8d29f1d53a59501dbb1878730c15c293e90f7ed6594e0bb91cead8, en de alinea staat in dat document op bytes 17845 tot 19344.